Biesbosch.nu

Magazine september/oktober 2007


 

Terug naar inhoudsopgave

Grote brandnetel (Urtica Dioica)
Marijke Smeenk

De naam van deze saai ogende, maar o zo veelzijdige plant is afgeleid van het Latijnse urere (branden) en het uit het grieks stammende dioica (di, twee) en oikos (huis). Vrouwelijke en mannelijke bloemen hebben namelijk elk hun eigen plant en de grote brandnetel wordt daarom tweehuizig genoemd in tegenstelling tot de kleine brandnetel, die eenhuizig is.

Onder de netels met hun vierkante stengel, kruisgewijze bladstand, bijna eirond gezaagde bladeren en blad- en stengelbeharing neemt de grote brandnetel wel een heel bijzondere plaats in. Een kruid van uitersten is het, ruwe bolster, maar blanke pit.

Wellicht mede door zijn Euro- Siberische oorsprong is hij stevig behaard: korte normale haren op stengel en bladonderkant en lange brandharen alleen op de stengel. Zijn verdediging tegen insectenvraat en tegen aanranding van ons mensen is zeer effectief. De door kiezelzuur verharde celwand van de brandhaar priemt bij het minste contact in onze huid en brengt de giftige celinhoud, waarvan de stof histamine deel uitmaakt, in het weefsel van de onderhuid. Gelukkig zijn er altijd wel de paarse hondsdraf of in deze tijd van het jaar de bladeren van de weegbree in de buurt te vinden. Even flink met het gekneusde blad over de wond wrijven en de pijn is verdwenen. Een wapen is het, meer niet, want na de bloei zijn de brandharen bijna geheel verdwenen.

Tot in oktober bloeit de brandnetel en het is een leuk gezicht om op warme dagen de meeldraden van de mannelijke bloemetjes zich plotseling te zien strekken om dan een stuifmeelwolkje weg te schieten, dat door de wind wordt afgeleverd bij een vrouwelijke plant, die in bloei staat. Die vrouwtjes kun je met enige moeite herkennen aan de lichtgroene, wat langere hangende trossen in de oksels van bladeren. De mannetjes bloeien met kort rechtopstaande bolletjes.
Ja, veel aan deze plant is onverwacht!

Het is eigenlijk als je het goed bekijkt een heel sociale plant. Hij deelt zijn biotoop met vele planten, die natuurlijk wel stikstofminnend moeten zijn. Hij heeft niet, zoals vele kenners dachten, de Biesbosch overwoekerd, maar plek gegund aan moerasspirea, valeriaan, engelwortel en wellicht al te sociaal ook aan de grote springbalsemien.

Onderdak geeft hij aan veel vlindersoorten.
Voor de larven van dagpauwoog, kleine vos, landkaartje en atalanta is hij de enige of in ieder geval de voedselplant van hun voorkeur.

De nachtegaal, koning van de zangvogels, wordt veelal geboren temidden van de netels.
De bosrietzanger broedt in netelruigten en maakt zijn nest vast aan de stengels.

En wat is zijn nut voor de mens?
In het verre verleden, in de Bronstijd werden de doden reeds in neteldoek begraven.
Hippocrates (460-377 v.C) beschreef de voedende waarde van het kruid en zijn urineafdrijvende eigenschappen. De Romeinen geselden hun gewrichten, reumatisch geworden in onze koude streken, met vers brandnetelloof en wisten daarmee in strenge winters hun ledematen warm te wrijven.
In de Middeleeuwen, toen gebruik van katoen nog niet bekend was, herontdekte men het gebruik van neteldoek. Wellicht werd ook Mozart in neteldoek begraven…
In de eerste wereldoorlog liepen militairen vanwege een tekort aan vlas en hennep in uniformen van neteldoek en werd het groene sap van de plant gebruikt als camouflagemiddel.

En wij in onze tijd weten steeds meer gebruik te maken van deze interessante plant: in de lente kunnen de jonge bladeren verwerkt in salades en soepen. Hij kan gegeten als spinazie en gedronken in de vorm van thee. In sommige streken wordt er bier van gebrouwen. De plant bevat veel ijzer en eiwit.

Twee heren, rijk geworden van de verkoop van Marktplaats.nl zien zoveel in de plant, dat zij 40 hectaren grote brandnetel aanplantten in de Noord- Oostpolder om er na een jaar of vijf hoogwaardige brandnetelkleding uit te winnen. Warm en zacht zal ze zijn, helaas wel duur.

Een advies nog als laatste ode aan dit kruid: plant een klein groepje in uw tuin, ergens achteraf en kijk er niet meer naar om. Bovengenoemde vlinders leggen hun eitjes graag in onooglijke planten. Dank zij de brandnetel en U zal hun voortbestaan in Nederland verzekerd zijn.

Reageer op dit artikel

Tekst Marijke Smeenk
HenkvandeGraaf/www.stockburo.nl

 

 

Copyright HenkvandeGraaf/www.stockburo.nlOp pad met de kruidengids
Biesbosch.nu biedt u een unieke mogelijkheid om met een gerenommeerde kruidengids op pad te gaan op zoek naar kruiden. Voor meer informatie kunt u het volledige programma downloaden.

Duur tocht: ± 3 uur
Kosten: € 17,00 per persoon 
(incl. kosten voor de gids).

Voor meer informatie of direct boeken:
Afdeling boekingen en arrangementen, Bianca Metzelaar. Bereikbaar: maandag t/m zaterdag van 10.00 - 19.00 uur.
Telefoon: 023 - 574 82 47 of 06 - 23 68 14 38
Email: boekingen@biesbosch.nu

Terug naar inhoudsopgave

Niets uit deze pagina mag worden gepubliceerd zonder toestemming van de auteur(s).
Ongevraagd gebruik van andermans beeldmateriaal is strafbaar
2007 © Biesbosch.nu