Biesbosch.nu

Nieuwsbrief oktober 2004

Terug naar inhoudsopgave

Fragment uit prent uit 'Out Hollant' van Jacobus van Oudenhoven 1654, Gekulkte steur en elftKenmerken en typologieën
     van de steur

Steur
benamingen

Steur; afgeleidde van het woord 'storen' en het begrip woelen en wroeten wat te maken heeft met de manier van voedsel zoeken in de bodem.
Beluga
; Russische benaming voor de Europese Huso.
Hommer
;
Mannetjessteur, genoemd naar zijn geslachtsklieren. 
Kuiter
; vrouwtjessteur, genoemd naar de eitjes, het kuit.
Kaviaar; de viseitjes van de 'kuiter' dus. Vanwege de beperkte aanvoer een kostbaar goedje. Daarom ook wel 'het zwarte goud' genoemd.
Peelmoes; (lokale) benaming voor kaviaar.
Rombus
; oude benaming voor steur.
Spreekwoord
; in Duitsland heeft het spreekwoord 'zo matig als een steur' bestaan. Dit omdat bij het opensnijden van de maag er alleen maar een slijmachtige substantie is te vinden.
Vislijm: een goede lijm die verschillende toepassingen had in de chemie,  geneeskunde en wijnmakerij (ophelderen van witte wijn). Het werd gemaakt van de zwemblaas van de steur.
De legende van de Kampersteur: er was een steur gevangen om een maaltijd te bereiden voor de bisschop, die Kampen zou bezoeken. Wegens ziekte moest de bisschop echter afzeggen. De vis werd teruggegooid in het water met een bel om zijn nek, zodat hij gemakkelijk teruggevonden kon worden. Toen de bisschop alsnog naar  Kampen kwam, was de vis natuurlijk verdwenen. In plaats van steur werden er toen maar eieren klaargemaakt.

Steurbenamingen in De Biesbosch

Steek met de naam Steursteek een kaart van Stampion, Dou en Van Innevelt 1642. Ntaionaal archief Den HaagSteurgat; kil nabij Werkendam. Vroeger "Draepkille of "Droogkille" genaamd. Hardinxveldse vissers gebruikte deze kil veelvuldig als ze terug kwamen van de steurvisserij op het Hollands Diep. Ze hadden dan veel bekijks als ze de Werkendamse sluis passeerden.
Steurtje; ik weet dat het ergens in De Biesbosch heeft gelegen maar weet niet meer waar. Wie helpt me?
Steursteek; tegenover de huidige Tongplaat aan de Nieuwe Merwede heeft een 'steursteek' gestaan. Het gaat hier waarschijnlijk over een gewone steek die zo genoemd is. Voor zover mij bekend werden de steken niet voor steurvangst gebruikt.
Steurstad; Geertruidenberg had vroeger een visafslag waar veel steur werd aangevoerd. Ooit werd ze dan ook 'steurstad' genoemd.
Steurkoppen; bijnaam voor de inwoners van Kampen. Ook hier werd veel op steur gevist die vanaf de Zuiderzee de rivier de IJssel op trokken.
Weel; een touw wat aan de ene kant werd vastgezet aan een dukdalf (meerpaal voor schepen) en aan de andere kant voorzien van een anker. Aan dit touw werden steuren 'vastgezet'.

Wetenschappelijke namen
Steuren behoren tot de Klasse beenvissen. De Onderklasse is Straalvinnigen en de Super-orde kraakbeenachtige vissen. De Orde is Steurachtige de Familie Steuren, de Genus Acipenser en de Soortennaam sturio.
De familie steuren (Acipenseridae) bestaat uit een aantal (soms bizar uitziende) geslachten. Het belangrijkste geslacht, de Acipenser komt met 17 soorten in een groot deel van het Noordelijk halfrond voor.

Het geslacht Huso (2 soorten) brengt de grootste zoetwatervis ter wereld voort, de Europese steur (Huso huso). De maximaal 9 meter lange en 1500 kg zware vis komt voor in de Adriatische, Kaspische en Zwarte zee. Door zware overbevissing komen deze afmetingen nog maar zelden voor. De tweede soort is de Siberische steur (Huso dauricus) die in het stroomgebied van de Amoer voorkomt.

Copyright www.ovb.nlDe gewone of Atlantische steur (Acipenser sturio) lengte 3 meter gewicht 300kg. Komt nog alleen voor in het Girond-Garonne-Dordogne gebied in Frankrijk (schatting 1000 ex.), de Guadalquivir in Spanje, een van zee afgesloten populatie in het Ladogameer in Rusland, de Po in Italië en in het Rioni gebied in Georgie. In 1947 werd er rond de Gironde nog 4000 steuren gevangen. In 1963 was dit al teruggelopen tot 195 exemplaren. Pas in 1985 kwam er een vangst verbod. Deze populaties zullen een belangrijke rol kunnen spelen in de terugkeer van de steur in Nederland. Merkprojecten hebben aangetoond dat de 'Gironde' steur langs de gehele West-Europese kust wordt aangetroffen.

Witte steur; (Acipenser transmontanus), de Atlantische steur (Acipenser medirostris) en de Groene steur (Acipenser medirostris) leven in de noordelijke Stille oceaan. 
De laatste ook nog in de oostelijke kustwateren van Centraal-Azie.

De sterlet (Acipenser ruthenus) een kleine soort die voornamelijk in Oost-Europa voor komt. Er schijnen enkele meldingen van gevangen sterlets in Nederland te zijn.

Bronnen: 
Onze speciale dank gaat uit naar:
- Dr. P.J.M. Martens schrijver van het prachtige boek, De zalmvissers van De             
  Biesbosch 1421-1869
voor zijn waardevolle bijdrage aan dit artikel
- Org. ter Verbetering van de Binnenvisserij voor het beschikbaar stellen van een 
  aantal foto's en diverse artikelen. www.ovb.nl  
Literatuur/internet:
- D.J. de Jong e.a., Hardinxveld en de Riviervisserij 
-
Historische vereniging Hardinxveld. www.hv-hardinxveld-giessendam.nl 
- P. Verhagen, Rivieren, boten en vissers 
- Istituto Geografico de Agostini spA, Novara, Italie, De geheimen van het dierenrijk 
-
Grzimeks, Het leven der dieren, deel 4, vissen 1
-
R. Kinzelbach, 1987. Das ehemalige Vorkommen des Stors. Zeitschrift fur
  Angewande Zoologie 74: 167-200.

- H.W. de Nie, Atlas van de Nederlandse zoetwatervissen
- Artikelen C.J. Verhey en S.J. de Groot (1992) in tijdschrift De levende natuur, 1949, 
  1961 en 1963 en 1992.


© www.biesbosch.nu
Niets uit deze uitgave mag worden gereproduceerd zonder de toestemming van
www.biesbosch.nu